Zorgvader start netwerk voor mannen met een zorgintensief kind: 'Vaders hebben vaders nodig'
In dit artikel:
Martijn van Lanen (47) noemt zichzelf een zorgvader. Samen met zijn partner heeft hij twee kinderen: Merlijn en Madelief. Bij Madelief is kort na de geboorte duidelijk geworden dat zij het syndroom van Down heeft en intensieve zorg nodig heeft. Die ervaring veranderde Martijns blik op vaderschap: naast vreugde staat voortdurend zorgen en plannen centraal. Tijdens de kerstvakantie las hij Een klein leven, en een passage over liefde die begint met: “Hoe gaat het met hem?” raakte hem diep — voor hem symboliseert dat het permanente afstemmen op wat zijn kind nodig heeft.
In de praktijk betekent dit voor Martijn constant kalibreren: afspraken met ziekenhuis, logopedie en fysiotherapie coördineren, tegelijk aandacht hebben voor hoe zijn oudste zoon Merlijn de situatie ervaart, en rekening houden met de emotionele en fysieke belasting van zijn partner. De werkverdeling speelt mee: Martijn werkt vier dagen, zijn partner drie, en zij neemt veel praktische zorg op zich. Dat draagt enerzijds bij aan zorgcontinuïteit maar legt anderzijds druk op het gezin en op hun relatie.
Martijn signaleert dat vaders vaak ontbreken bij bijeenkomsten over zorgintensieve kinderen en dat mannen minder aangemoedigd worden om zorgen en kwetsbaarheid te delen. Hij ziet een cultuur die jongens leert presteren en doorzetten, maar weinig ruimte biedt voor het bespreken van emotie en zorg. Daarnaast ervaren veel zorgvaders een spagaat: extra kosten en aanpassingen voor een zorgintensief kind versus de maatschappelijke verwachting om financieel te blijven bijdragen.
Als antwoord startte Martijn met andere vaders een informeel netwerk voor zorgvaders — geen commerciële club, maar bijeenkomsten om te praten, praktische tips uit te wisselen en herkenning te vinden. De eerste samenkomst is gepland; het doel is laagdrempelig contact zodat vaders merken dat ze niet alles alleen hoeven te dragen. Zijn uitnodiging aan twijfelende vaders is eenvoudig: sluit aan, je hoeft niet precies te weten wat je zoekt — soms helpt het al om alleen in een ruimte te zitten met mannen die begrijpen wat je doormaakt.