Zindelijkheidscoach: 'Kinderen zitten een jaar langer in de luiers (en dit kun je daaraan doen)'

zondag, 8 februari 2026 (09:08) - J/M voor Ouders

In dit artikel:

Kinderen in Nederland blijven tegenwoordig gemiddeld ongeveer een jaar langer in de luier dan dertig jaar geleden. Psycholoog en zindelijkheidscoach Debby Mendelsohn — auteur van Zindelijk maken is kinderspel en moeder van zes — ziet de gevolgen daarvan bij ouderavonden en consulten: ouders raken in paniek zodra de vierjarige leeftijd nadert, omdat opvang en scholen problemen kunnen maken als een kind nog in de luier zit.

Mendelsohn wijst op meerdere oorzaken voor de vertraging. Moderne, meer ontspannen opvoedstijlen maken dat ouders soms afwachten en geloven dat een kind het “op eigen tempo” zal leren. Ook de veel betere wegwerp-luiers spelen mee: ze houden kinderen droger, waardoor het kind minder prikkels krijgt om zelf naar het potje te gaan. Daarnaast ziet zij in de praktijk andere praktische redenen, zoals ziekteperiodes, drukke werkende ouders die het zindelijkheidstraject eenvoudigweg (nog) niet zijn gestart, of gebrek aan kennis dat toilettraining al vanaf zo’n anderhalf jaar mogelijk is.

Belangrijk contra‑argument van Mendelsohn: zindelijkheid is grotendeels beïnvloedbaar. “Je hebt als ouder honderd procent invloed”, benadrukt ze. Er is weinig bewijs dat fysieke rijpheid van nieren en darmen de doorslag geeft; in landen waar absorberende luiers minder gebruikelijk zijn, leren kinderen vaak veel eerder op het potje te gaan. Dat wijst volgens haar op een sterke culturele en praktische component.

De schoolpraktijk vergroot de druk op ouders. Formeel mogen scholen kinderen die niet zindelijk zijn weigeren en leraren verschonen is geen optie vanwege tijdgebrek. In de praktijk gebeurt weigering zelden, maar de regel zorgt voor stress en schuldgevoelens. Mendelsohn bespreekt voorbeelden van ouders die, na bemoeienis van opvang of BSO, extra onder druk gezet werden om hun vijfjarige binnen een weekend zindelijk te krijgen — een ingrijpende ervaring die relaties kan verstoren.

Praktische adviezen zijn helder en praktisch: begin vroeg, zodra een kind kan lopen (rond 1–1,5 jaar), zet het met regelmaat op een potje en maak er een ontspannen, spelenderwijs proces van. Stress en tijdsdruk werken tegen; spanning van de ouder wordt door het kind gevoeld. Zelden zit er een medisch probleem achter; meestal is het een kwestie van aandacht, tijd en consistentie. Sommige kinderen zijn binnen een paar weken zindelijk, anderen hebben meer oefening nodig — maar volgens Mendelsohn lukt het vrijwel altijd.

Kortom: achter de stijgende luierleeftijd zitten zowel maatschappelijke als praktische oorzaken, maar met vroegtijdig, rustig en consequent oefenen kunnen ouders hun kind doorgaans succesvol zindelijk krijgen.