Tweelingpapa Dick: 'Terwijl we echt ons best deden om stereotypen te voorkomen'
In dit artikel:
Dick (37) en Rob (37), allebei vader van een driejarige jongen-meisje-tweeling (naast oudere kinderen van 7 en 5 bij Dick en een vijfjarige zoon bij Rob), schreven samen een column en werken aan een boek over het vaderschap van tweelingen: Superpapa, verschijnt medio 2026. In hun stuk beschrijven ze dagelijkse observaties van hun tweeling en vragen zich af of geslachtsverschillen bij jonge kinderen aangeboren zijn of door de omgeving worden gevormd.
Praktische voorbeelden illustreren hun punt: hoewel ze bewust stereotypen probeerden te vermijden, ontwikkelden hun kinderen al vroeg uitgesproken voorkeuren — de dochter houdt van roze, knuffels en zorgzaam gedrag, de zoon van auto’s, bouwen en actieve spelletjes. Eenzelfde pop voor beiden maakte al snel duidelijk dat de interesse uiteenliep. Omdat hun tweeling twee-eiig is, wijzen ze erop dat genetisch verschil vergelijkbaar is met gewone broers en zussen, maar het gelijktijdig opgroeien wekt de indruk dat ze gelijk behandeld zouden worden.
Ze verwijzen naar onderzoek dat laat zien dat pasgeboren baby’s nauwelijks gedragsverschil vertonen; vanaf ongeveer twee jaar ontstaan grotere verschillen die veelal worden toegeschreven aan de manier waarop volwassenen kinderen anders benaderen op basis van het veronderstelde geslacht. Klassieke studies uit de jaren ’70 tonen dat verzorgers anders reageren wanneer hen wordt verteld of een baby een jongen of meisje is.
Hun conclusie is nuchter: ouders en omgeving spelen een grote rol in het vormen van gendergerelateerde voorkeuren. Bewust tegensturen kan helpen, maar uiteindelijk accepteren ze de individuele voorkeuren van hun kinderen — met af en toe een speelse tegenreactie — zolang elk kind zich onvoorwaardelijk geaccepteerd voelt.