Tara: 'Ik verkocht voor het eerst kleertjes op een kinderkledingbeurs en het liep dramatisch'

dinsdag, 31 maart 2026 (14:03) - Kek Mama

In dit artikel:

Tara (31), moeder van dochter Rosie (2), besloot kinderkleding niet langer via Vinted te slijten en probeerde een kinder-kledingbeurs: kleding inleveren op vrijdagavond, verkoop op zaterdag/zondag en restanten ophalen zondagavond. Wat simpel klonk, bleek arbeidsintensief en bureaucratisch.

Voor ieder kledingstuk moest lichtgeel schilderstape worden geplakt met een vooraf aangevraagd verkoopnummer, maat en zelfgekozen prijs; de beurs neemt 30% van de opbrengst. De kleertjes moesten in klapkratten met hetzelfde nummer worden aangeleverd. Tara en haar partner besteedden avond na avond aan het plakken van tape en moesten extra klapkratten aanschaffen — een tijdrovende klus die ook de relatie niet ten goede kwam.

Op de inleveravond bleek dat veel mensen hetzelfde hadden gedaan: het aanbod was enorm. Tijdens de beurs hing er een overdaad aan kinderkleding, waardoor de vraag beperkt leek. Na afloop kregen ze vier volle klapkratten terug — precies hetzelfde aantal als waarmee ze waren begonnen — en het was onduidelijk of er echt iets verkocht was. Drie kledingstukken bleken zelfs van anderen; een roze jurkje van hen zat per ongeluk in iemand anders’ krat en werd later teruggevonden. De uiteindelijke uitbetaling was bedroevend: €4,25, terwijl de aanschaf van de klapkratten ongeveer €20 kostte.

De ervaring leert dat fysieke ruil- en verkoopbeurzen veel organisatie, tijd en kosten vergen, en dat grote concurrentie en praktische fouten de opbrengst flink kunnen aantasten. Tara gebruikt haar ervaringen onder meer in haar boek "Blender zonder deksel: eerlijke verhalen over het ouderschap".