Sylvia (53) pleegde huiselijk geweld: 'Ik zag de angst in de ogen van mijn zoontje'
In dit artikel:
Sylvia Vermeulen (53) vertelt hoe zij jaren geleden haar toen zevenjarige zoon uitschold en sloeg, totdat ze zichzelf herkende in het gedrag van haar eigen vader en besefte dat het zo niet verder kon. Na een heftige inzinking zocht ze zelf hulp bij Veilig Thuis; haar gezin kreeg ambulante zorg en zij werd gediagnosticeerd met PTSS.
Bij Sterk Thuis volgde ze anderhalf jaar MBT-therapie (om emoties, gedachten en intenties van zichzelf en anderen beter te begrijpen) en EMDR om haar trauma’s te verwerken. Die behandeling, plus steun van vrienden, familie en groepsgenoten, hielpen haar inzien welke triggers haar agressie aanwakkerden en hoe ze daarop kan reageren. Belangrijke inzichten: vermoeidheid en overprikkeling verkleinen haar ‘window of tolerance’, waardoor ze sneller uit haar evenwicht raakt; gedrag is een uiting van onvervulde behoeften en zegt niet wie je als mens bent.
In Tilburg werkt Sylvia nu als ervaringsdeskundige en buddy in een project voor plegers van huiselijk geweld: vijf groepsbijeenkomsten met telkens tien tot twaalf vrijwillige, niet-veroordeelde deelnemers. Ze benadrukt dat zulke trajecten hard nodig zijn, omdat er veel aandacht en opvang is voor slachtoffers maar veel minder voor plegers. Door haar eigen verleden kan ze steun bieden die drempelverlagend werkt: begrip, praktische steun buiten kantooruren en het doorbreken van isolatie.
Sylvia maakt ook duidelijk hoe groot de rol van stigma is — zowel het publieke oordeel als het zelfverwijt — en hoe schadelijk dat kan zijn voor het zoeken van hulp. Zij pleit voor openheid, oordeelloos luisteren en het erkennen dat verandering mogelijk is. Wie hulp zoekt, neemt volgens haar de moedigste stap; met gerichte behandeling en steun valt destructief gedrag te doorbreken.
Kortom: het artikel belicht het perspectief van een pleger die met therapie en ervaringsdeskundigheid eigen gedrag veranderde en nu anderen ondersteunt. Het laat zien dat behandeling (MBT, EMDR), inzicht in triggers en peer-buddywerking cruciaal zijn om huiselijk geweld te stoppen, en roept op tot minder stigma en meer toegankelijke hulp voor daders naast de bestaande hulp voor slachtoffers.