Pushte de zwemlerares mijn zoon te veel? 'Ik twijfelde of zijn grens werd overschreden'
In dit artikel:
Aukje (41) maakt zich zorgen over zwemles van haar zoon van 5,5 jaar: elke vrijdagavond moet ze hem overhalen om te gaan en tijdens een recente les zag ze hem flink huilen toen hij het water in moest. Ze vraagt zich af of de zwemlerares hem te ver heeft gepusht door hem, terwijl hij nog zichtbaar gespannen was, het water in te begeleiden.
Zwemonderwijzeres Barbara de Jong-Huls plaatst dit in een grijs gebied: soms heeft een kind een duwtje nodig, maar dat hangt sterk van het kind en van hoe goed de leraar het kind al kent. Belangrijker vindt ze dat de emotionele grenzen en het gevoel van veiligheid van het kind vooropstaan. Vertrouwen winnen, goed contact en kleine stapjes zijn cruciaal; beloften moeten worden nagekomen zodat het kind weet wat het kan verwachten. Een praktische werkwijze die ze noemt is afspreken dat een ouder even weggaat en op een afgesproken tijd terugkomt, wat kan helpen om zelfstandig vertrouwen op te bouwen.
Als een kind overstuur raakt, raadt De Jong-Huls aan eerst te proberen het kind rustig te krijgen met gesprek of afleiding, en zonodig de ouders te bellen om te overleggen. Om te beoordelen of een eerdere 'push' acceptabel was, kun je letten op het gedrag tijdens de rest van de les: meedoet het kind vrolijk mee en speelt het in de laatste minuten, dan heeft het de ervaring verwerkt; blijft het onrustig of weigert het volgende keer te gaan, dan is er waarschijnlijk een grens overschreden. In dat geval is overleg tussen ouder en zwemonderwijzer belangrijk om samen een andere aanpak te vinden.
Verder waarschuwt De Jong-Huls tegen te vroeg beginnen met zwemlessen: rond vier jaar is de neuromotoriek vaak nog niet rijp genoeg voor de complexiteit van zwemlessen. Ze adviseert ouders eerst veel in speelse setting met hun kinderen in het water te oefenen, zodat ze watervrij en zelfverzekerd zijn voordat ze aan reguliere zwemlessen beginnen.