Psycholoog Aischa Schmitt: 'Je kind is niet lastig, er zit vaak iets heel anders achter die boze bui'

dinsdag, 20 oktober 2026 (12:03) - Kek Mama

In dit artikel:

Grote driftbuien over een verkeerd gesneden banaan, een kapot koekje of een afgezegde speelafspraak lijken voor volwassenen soms onbenullig. Voor jonge kinderen kunnen zulke gebeurtenissen echter overweldigend zijn. Hun brein is nog volop in ontwikkeling, waardoor ze emoties nog niet goed kunnen begrijpen of zelf reguleren. Psycholoog, docent en moeder Aischa Schmitt pleit er daarom voor om niet alleen naar het gedrag te kijken, maar ook naar de gevoelens en behoeften eronder.

Schmitt schreef hierover het kinderboek *Over Prikkeltje*, dat is geïllustreerd door Elisa Stolwijk. In het verhaal wil egeltje Prikkeltje zijn moeder een mooie hartjessteen laten zien, maar zij is druk met koken en heeft geen aandacht. Hij voelt zich afgewezen, wordt boos en raakt vervolgens nog verder overstuur wanneer zijn vriendjes niet kunnen spelen. Andere dieren helpen hem om zijn emoties te verwerken, onder meer door ademhalen, bewegen en lichaamshoudingen. Het boek richt zich daarmee niet alleen op het praten over gevoelens, maar ook op het herkennen van lichamelijke signalen en het vinden van manieren om weer tot rust te komen.

Volgens Schmitt is boos gedrag vaak een uiting van iets kwetsbaars, zoals verdriet, teleurstelling of de behoefte om gezien te worden. Dat betekent niet dat slaan, schoppen of spullen vernielen toegestaan is. Ouders kunnen de emotie wel erkennen en tegelijk een duidelijke grens stellen: een kind mag boos zijn, maar mag anderen niet slaan. Die combinatie van nabijheid en begrenzing helpt kinderen hun emoties te leren hanteren. In de psychologie wordt het samen reguleren van emoties co-regulatie genoemd. Een kind heeft daarbij een volwassene nodig die veiligheid en steun biedt.

Schmitt adviseert ouders om gevoelens concreet te benoemen, bijvoorbeeld door te zeggen dat een kind verdrietig is omdat het niet langer in de zandbak mag spelen. Ook is het belangrijk om samen te onderzoeken wat een emotie in het lichaam doet en welke strategie werkt. Het ene kind kalmeert door rustig te ademen, terwijl een ander juist moet bewegen. In het boek worden die oefeningen speels gemaakt: ademen als een uil, je groot maken als een pauw of springen als een kikker.

Opmerkingen als ‘stel je niet aan’ of ‘je bent toch geen baby meer’ kunnen volgens Schmitt onbedoeld duidelijk maken dat gevoelens er niet mogen zijn. Een emotie erkennen betekent niet dat een kind alsnog zijn zin krijgt. Grenzen blijven noodzakelijk, omdat ze houvast en veiligheid bieden. Het verschil zit vooral in de manier waarop ouders die grenzen aangeven: rustig en duidelijk, zonder dreigementen of beschaming. Ook wanneer een kind boos reageert op een grens, kunnen ouders begrip tonen zonder die grens los te laten.

Overprikkeling ontstaat niet alleen door een heftige gebeurtenis, maar ook door een volle agenda met school, sport, verjaardagen en speelafspraken. Jonge kinderen herkennen hun eigen grenzen nog niet altijd. Ouders kunnen daarom eerder signaleren wanneer een kind rust nodig heeft. Het doel is niet om alle prikkels te vermijden, maar om kinderen te leren ermee om te gaan.

De boodschap geldt ook voor ouders zelf. Zij kunnen door vermoeidheid en stress eveneens overprikkeld raken en minder geduldig reageren. Perfect ouderschap bestaat volgens Schmitt niet; belangrijker is dat ouders na een botsing terugkomen op hun reactie en excuses maken. Met *Over Prikkeltje* wil ze kinderen al vroeg leren hun gevoelens te herkennen en reguleren. Het boek kreeg volgens haar positieve reacties en was na drie weken al toe aan een tweede druk. De kern: alle emoties mogen er zijn, en ouders en kinderen mogen samen leren hoe ze ermee omgaan.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Albert Verlinde over Rob Jetten: 'Ik snap niet waarom deze premier alles zo pr-matig doet!'