Peuters die weinig suiker eten, hebben daar mogelijk op latere leeftijd vele gezondheidsvoordelen van
In dit artikel:
Onderzoekers analyseerden gegevens van ongeveer 64.000 Britten die tussen 1951 en 1956 zijn geboren. Door de naoorlogse suikerrantsoenering aten jonge kinderen tot 1953 relatief weinig suiker; na het afschaffen ervan steeg de consumptie sterk. Daardoor ontstond een natuurlijk experiment met vergelijkbare bevolkingsgroepen die in hun eerste levensjaren verschillende hoeveelheden suiker binnenkregen.
Mensen die als peuter weinig suiker aten, kregen later volgens de analyse minder vaak bepaalde vormen van kanker. Het verschil was het grootst bij leverkanker, dat 69 procent minder vaak voorkwam, gevolgd door onder meer borst-, prostaat-, darm- en longkanker. Ook hadden zij gemiddeld langere telomeren, beschermende uiteinden van chromosomen die korter worden bij veroudering. Dat wijst volgens de onderzoekers op ongeveer 2,2 jaar minder biologische veroudering.
Deze groep at op latere leeftijd bovendien gemiddeld minder suiker en gevarieerder. Dat kan komen doordat vroege voeding de ontwikkeling van stofwisseling en immuunsysteem beïnvloedt of smaakvoorkeuren vormt. Verwant onderzoek wijst ook op mogelijke lagere risico’s op dementie, hart- en vaatziekten en beroertes. De resultaten tonen verbanden en bewijzen niet dat suiker rechtstreeks de oorzaak is. De onderzoekers pleiten daarom voor minderen, niet voor een volledig suikerverbod voor jonge kinderen.
Vandaag Inside: Johan Derksen kritisch op tv-optreden Mona Keijzer: ‘Ik ben fan van haar, maar…’