Onderzoeker waarschuwt: seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen broers en zussen komt vaker voor
In dit artikel:
Sheila van Berkel (39), onderzoeker aan de Universiteit Leiden, bestudeert seksueel grensoverschrijdend gedrag tussen broers en zussen en benadrukt dat openheid cruciaal is voor veiligheid en herstel, ook al is praten erover buitengewoon moeilijk. Kinderen zwijgen vaak uit loyaliteit, angst dat het gezin uiteenvalt, schaamte of de vrees niet geloofd te worden. Schuldgevoelens spelen geregeld mee, zeker wanneer het contact begon als spel of steun zoeken; slachtoffers kunnen zichzelf de schuld geven of denken dat hun lichamelijke reacties (zoals opwinding of verstijven) instemming betekenen, terwijl dit automatische overlevingsreacties zijn en nooit als toestemming mogen worden geïnterpreteerd.
Van Berkel maakt onderscheid tussen normaal experimenteren en gedrag dat schadelijk is: schadelijk wordt het zodra het niet past bij het ontwikkelingsniveau, niet wederkerig is, voortkomt uit machts- of behoefteverschil, of gepaard gaat met dwang. Een voorbeeld: elkaar tonen van geslachtsdelen op peuterleeftijd kan onschuldig zijn, maar wanneer één kind dwingt dat de ander ook iets moet laten zien, is dat grensoverschrijdend.
Ouders ontdekken zo’n situatie vaak niet omdat kinderen het geheim willen bewaren. Van Berkel adviseert alert te zijn op vage opmerkingen, door te vragen en een open luisterhouding te laten zien. Cruciaal is hoe ouders reageren: geloof, neem serieus en bied steun, ook als eigen emoties heftig zijn. Tegelijk moeten ouders duidelijk maken dat grensoverschrijdend gedrag niet acceptabel is, zonder de liefde voor het kind op te zeggen. Beide betrokken kinderen hebben vaak steun nodig: het slachtoffer om te herstellen en het kind dat grensoverschrijdend handelde om te leren en weer veilig te functioneren.
Professionele begeleiding, erkenning en een ondersteunende thuisomgeving maken volgens Van Berkel een groot verschil in het herstelproces en in het voorkomen van verdere schade.