Onderwijsadviseur: waarom praktijkonderwijs voor sommige kinderen beter past dan het vmbo
In dit artikel:
Voor kinderen die vooral leren door te doen, kan praktijkonderwijs beter passen dan vmbo. Onderwijsdeskundige Sofie van der Waart ziet dat deze leerlingen op de basisschool soms vastlopen omdat het leertempo hoog ligt en de nadruk op theoretische lesstof hen weinig aanspreekt. Ze kunnen wel leren, maar hebben vaak meer tijd, structuur, persoonlijke begeleiding en kleinere groepen nodig.
Bij een vmbo-opleiding kunnen leerlingen met een IQ tussen ongeveer 55 en 80 moeite krijgen met het tempo, de instructie en de beperkte ondersteuning. Praktijkonderwijs sluit beter aan bij hun manier van leren. Naast vakken als taal, rekenen en Engels werken leerlingen daar met praktische opdrachten, bijvoorbeeld koken, techniek, tuinbouw of huishoudelijke vaardigheden. Sommige scholen bieden een restaurant, een woonappartement, een rijsimulator of projecten zoals het bouwen van een tiny house. Zo oefenen leerlingen niet alleen schoolse vaardigheden, maar vergroten ze ook hun zelfstandigheid en leefwereld.
Van der Waart vindt het problematisch dat ouders bij een dubbel schooladvies, praktijkonderwijs/vmbo-basis, vaak automatisch voor vmbo kiezen omdat zij een hoger niveau als beter beschouwen. Volgens haar kunnen leerlingen juist via de praktische route veel bereiken en op het vmbo eerder vastlopen. Praktijkonderwijs is bij ouders nog relatief onbekend: Nederland telt ruim zeventig praktijkscholen, ongeveer evenveel als gymnasia. Plaatsing loopt via het samenwerkingsverband en vereist een IQ-onderzoek. Ouders van kinderen die moeite hebben met theoretisch leren worden daarom aangespoord zich tijdig in praktijkonderwijs te verdiepen; sommige scholen laten al vanaf groep 7 instromen.
Vandaag Inside: Johan Derksen kijkt uit naar nieuw SBS6-programma Sing With Me: 'Het lijkt mij héél leuk!'