Na de kraamtijd weer aan het werk deel 1: 'Die laatste weken thuis vloog ik tegen de muren op'

donderdag, 1 januari 2026 (15:03) - Kek Mama

In dit artikel:

Vera (36), jurist, behoorde tot de circa 20 procent jonge moeders die blij waren om na de kraamtijd weer aan het werk te gaan. Hoewel ze de eerste weken thuis met zoon Oliver (nu negen maanden) waardeerde, raakte ze snel uitgekeken op het ritme van bezoekjes en wachten tot de baby sliep. Ze nam aanvankelijk extra verlof — achteraf vond ze dat zestien weken vrij voldoende zouden zijn geweest — maar nadat ze Oliver voor het eerst op de crèche had gebracht en die dag even op kantoor was bijgekletst met collega’s, begon ze een week later structureel weer te werken. Ze werkt 32 uur per week; Oliver gaat drie dagen naar de opvang en zij en partner Naut zijn ieder één dag per week thuis, al werkt ze soms zelfs op die dagen nog door.

Vera legt uit dat haar drijfveer niet tegen haar moederschap ingaat maar juist voortvloeit uit wie ze is: ze wil professioneel doorleren en carrière maken en zegt dat ze alleen een goede moeder kan zijn als ze ernaast ook zichzelf kan blijven. Haar keuze brengt wrijving met de generatie van haar moeder, die toen langer thuisbleef en minder werkte, maar Vera ervaart geen schuld.

Het verhaal past in een bredere trend: 65 procent van vrouwen noemt de terugkeer naar werk lastig, 39 procent past uren aan en 5 procent stopt helemaal, terwijl een minderheid juist opgelucht is weer te beginnen. In deze serie volgen ook andere, uiteenlopende terugkeerervaringen.