"Ik zie mijn kindjes doodgraag, ik wilde ze nooit pijn doen": moeder en stiefvader krijgen laatste woord op proces dood Raul (9)
In dit artikel:
Bij het assisenproces in Gent klonken de slotwoorden van Maria M. en haar partner Nicusor C., beiden vragende om spijt: “Ik zal verantwoordelijk zijn… ik heb zoveel pijn”, zei de stiefvader, de moeder sprak over haar diepe berouw. De jury gaat nu beraadslagen over de vraag of zij schuldig zijn aan foltering van Raul, een jongen van 9, met zijn dood tot gevolg; bij een veroordeling riskeren ze 20 tot 30 jaar cel.
De verdediging zette in op nuancering en context. Advocaat Anthony Mallego (moeder) erkende de verschrikkelijke feiten en hield zijn cliënte verantwoordelijk, maar benadrukte tegelijk haar gebrokenheid, schuldgevoelens en de moeilijke achtergrond (“een rugzak”) die zij meedroeg na emigratie en het leven in pover omstandigheden. Hij vroeg begrip voor de complexiteit van haar situatie en betoogde dat het niet zomaar gaat om het etiketteren als folteraar, maar om het menselijk maken van zijn cliënte.
De raadsman van de stiefvader, Kjell Verleysen, riep eveneens op tot objectivering: niemand wilde Raul naar eigen zeggen doden, benadrukte hij, en het onderzoek toont volgens hem niet aan dat er een enkel opzet was om hem te doden. Forensische rapporten zouden bovendien geen enkele handeling aanwijzen die op zichzelf het onmiddellijke overlijden veroorzaakte. Beide verdedigers pleitten er dan ook voor om te kwalificeren als “onmenselijke behandeling” — een strafrechtelijk minder zware categorie dan “foltering” — en niet te vervallen in emotionele overbidding.
Tegelijk hielden de advocaten vast aan de ernst van de feiten: Raul leed en stierf onder onmenselijke omstandigheden, en wie schuld draagt blijft cruciaal. Zij wezen erop dat verklaringen divergent zijn en dat slechts enkele betrokkenen echt weten wat er gebeurde, waardoor volgens hen twijfel moet blijven bestaan over wie welke handelingen pleegde.
Het proces nadert zijn einde; de jury moet nu een oordeel vellen over schuld en de juridische kwalificatie van de feiten. Voor wie hulp zoekt bij geweld of misbruik werden in de zittingszaal ook hulplijnen genoemd (o.a. 1712, Tele-Onthaal 106, Awel 102).