'Hier wordt eindelijk gevraagd wat ik wil leren': waarom steeds meer leerlingen kiezen voor Agora

dinsdag, 3 februari 2026 (21:25) - J/M voor Ouders

In dit artikel:

Op Buurtcollege Agora Maas en Peel in Panningen volgt de zeventienjarige Jur examen via het zogeheten Agora-onderwijs: een onderwijsformule die de afgelopen jaren snel groeit en waarvan Nederland volgend jaar ruim dertig scholen telt. Agora draait niet om een vast lesrooster en cijfers in de onderbouw, maar om autonomie, nieuwsgierigheid en projectmatig werken. Leerlingen kiezen challenges—opdrachten rond hun interesses—en koppelen daar zelf leerdoelen aan. Jur: “Hier wordt eindelijk gevraagd: wat wil je leren?”

De aanpak zet bevoegde coaches in plaats van traditionele docenten; zij begeleiden heterogene groepen met meer gelijkwaardige gesprekken en wekelijkse coachgesprekken als vangnet. In plaats van standaardtoetsen registreren scholen ontwikkeling via tools zoals Egodact en Quissum, reflecties en een eigen app gebaseerd op The Six Circles of Wellbeing. Daarmee wil Agora leren zichtbaar en bespreekbaar maken zonder steeds cijfers te gebruiken.

De vrijheid stopt niet bij examenwetgeving: bovenbouwleerlingen moeten alsnog het landelijke centraal eindexamen afleggen. Dat spanningsveld vroeg aanpassing—vooral in de beginjaren leidde het tot kritiek van de Onderwijsinspectie en oud-leerlingen over meetbaarheid en aandacht voor kernvakken zoals wiskunde. Schoolbestuurder Mariëlle Wilms erkent dat er verbeterpunten waren, benadrukt dat “vrijheid bij ons niet vrijblijvendheid is” en wijst op inmiddels positieve inspectierapporten en samenwerking met OCW.

De praktijkillustratie is concreet: een challenge rond Minecraft leidde bij Jur tot berekeningen met de stelling van Pythagoras en samenwerkingsvaardigheden—een voorbeeld van hoe vakstof via persoonlijke interesse beklijft. Jur liep wel vertraging tijdens de startfase van zijn school en spreidde zijn examen over twee jaar; hij ervaart de oplossing als leerzaam en ontwikkelingsbevorderend. Agora trekt relatief veel neurodivergente leerlingen aan; de school toont voorbeelden van maatwerk waarbij leerlingen door aangepaste tempo’s en toetsvormen alsnog hun diploma haalden en sociale vaardigheden opbouwden.

Agora erkent zijn grenzen: succes vergt eigen initiatief van leerlingen en vertrouwen van ouders. Niet elke leerling past erin, maar de kernwaarden—autonomie, maatwerk en vertrouwen—leveren volgens voorstanders vaardigheden op die verder reiken dan cijfers alleen: zelfinzicht, plannen en sociale competenties die leerlingen “voor het leven” meenemen.